Vorige week zat ik bij La Place met een potje thee en een koffiebroodje (smaakt heel goed zonder koffie). Ik hoopte dat ik me daar beter kon concentreren dan thuis. Verandering van omgeving en zo. Ik had een rustig hoekje van het restaurant opgezocht en was van plan me daar een uurtje of twee met fictie bezig te houden. De stekker van mijn laptop zat in een van de (schaars) aanwezige stekkerdozen.

bron: picjumbo.com (Credits: Viktor Hanacek)
Het uitzicht was prachtig, maar de omgeving nogal rumoerig, want de meeste mensen (vooral mannen) hadden hun laptop geactiveerd, gingen vervolgens vergaderen en citeerden nu en dan op gedragen toon uit de concepten van hun jaarverslagen. Ik vond het moeilijk om mijn gedachten bij mijn verhaal te houden, want de gesprekken bestonden voornamelijk uit vakjargon. Het business gewauwel doet weliswaar allemaal wel logisch aan, maar er wordt niets mee gezegd. En dat leidde me enorm af.
Aan mijn ene kant sloegen twee dikbuikige heren in maatpak zichzelf uitgebreid op de borst. De een pochte over bedrijfslevensbelangen en de ander deed duur over bijdragen aan een zorginstellingsbestuur. Miljoenen vlogen over tafel, terwijl zij achteloos achterover op hun stoel zaten, een cappuccino in de gemanicuurde hand.
Aan mijn andere kant ontspon zich een gesprek tussen vier Jort Kelderachtige types in strak gesneden Matthijs van Nieuwkerkjasjes.
Jort 1: “Ben je het eens dat de balans nu hangt om het bedrijf van A naar B te brengen?”
Jort 2: “Ja maar, denk ook eens na over sprekers over verantwoordelijkheid.”
Jort 1: “We kunnen een macroanalyse doen, zo van: waar komen we vandaan en waar gaan we naartoe.”
Jort 3: “We zitten nog volledig in de regie hè? Wij bepalen alles.”
Jort 4 met Vlaams accent en rommelend in zijn aktetas: “Ik zal jullie eens iets laten zien zunne, want wij hebben het over iets gelijkaardigs. Wij besproeien het hele vakgebied én het management. High level. Een van onze grote klanten…”
Jort 1: “Zeker, vooral op het gebied van competenties en hands-on ervaringen.”
Jort 2: “Nou nee, maar ook sociaal. Dit is conceptueel en daarna ga je nog even naar de executives, de CEO en dergelijke. De voorzitter opleidingsplaats was al naar het mediapark om de deelnemersaantallen te bekijken. Is het wel kostendekkend?”
Jort 3: “Ik zou bijna zeggen, draai gewoon met ons mee, dan kunnen jullie je van jullie kant uit oriënteren. Sponsor ons. Tegen gereduceerde tarieven, dat kan heel leuk zijn. We moeten de regie gewoon effe terugpakken en ik vind het leuk om dit samen met jullie te doen.”
Jort 2: “En alle huisartsen in de regio. Dat is niet zo gemakkelijk.”
Jort 4: “Er zijn een paar basale en essentiële uitgangspunten wat mij betreft zunne; je bent zo goed als je laatste congres.”
Jort 1: “Met alle respect voor bruggenbouwers, maar ik vind het middenland; hoe gaan we nou met zijn allen vooruit? De governance en alles hebben we het nu over gehad, maar vooruit jongens, cut the crap; ondernemen, kom op, dat is waar iedereen al mee bezig is!”
Het moge duidelijk zijn dat ik die dag geen fictie schreef, maar me vooral bezighield met de vertaling van het gesprek van onze toekomstige ouderen en hoe die denken. Tegelijkertijd vroeg ik me af: was ik ook zo toen ik nog werkte? Ik geloof er niets van, al was het alleen maar omdat ik geen bedrijven van A naar B hoefde te brengen voor veel geld en al zeker niemand hoefde te besproeien met mijn wijsheden. Ik deed gewoon mijn werk. En vergaderen deden wij op kantoor.

bron: pixabay.com







Geef een reactie