Ha meis. Wat een week weer! Wie denkt dat ouderen alleen maar achter de geraniums zitten, heeft het goed fout. Op dit moment denk ik toch echt dat mijn leven een paar decennia geleden een stuk rustiger was. En dan te bedenken dat ik toen uitkeek naar mijn pensioen, naar een tijd van alleen doen waar ik zin in had en genieten. Had ik het even mis.
Het goede nieuws: Vrijdag hebben we een afspraak gehad met de geriater, over hoe het met je gaat. David vroeg me om mee te gaan, hij was toch best een beetje nerveus denk ik. De geriater was eigenlijk heel positief. Je gaat weliswaar achteruit, maar veel langzamer dan verwacht. De omgeving van het verpleeghuis en de activiteiten waaraan je deelneemt, doen je blijkbaar goed. Aan de ene kant stelt me dat gerust, we hebben dus de goede keuze gemaakt. Aan de andere kant schoot toch de gedachte door me heen, dat dit alles jouw lijdensweg verlengt. En de onze. Misschien een egoïstische gedachte, maar ik weet dat jij nooit zo had willen leven. ‘Ik spring nog liever van een berg’ Ik hóór het je zeggen…

Bron: Pixabay
De rest van de week stond in het teken van Thijs. Hij reageert heel slecht op de chemotherapie. Zijn weerstand is zo achteruit gegaan en hij is zó ziek geworden, dat hij weer is opgenomen in het ziekenhuis en nu geïsoleerd wordt verpleegd. Hij is nog maar een schim van mijn vrolijke, grappige en stoere kleinzoon en van de week heeft hij met een klein stemmetje tegen ons gezegd, dat het misschien maar beter is als hij dood gaat. Wat dat met me deed kan ik niet beschrijven. Een klein jochie, dat maar liever dood wil, óns jochie. Dat kan toch niet? En het enige wat we voor hem kunnen doen, is bij hem zitten, zijn hand vasthouden en hem moed inspreken. De artsen weten nu even niet, hoe verder. Dat hebben ze niet in die bewoordingen gezegd natuurlijk, maar het was wel wat ze bedoelden. Komende week wordt overlegd in een groter team, met artsen uit andere ziekenhuizen, daarna komen ze met een nieuw plan. Maar ondertussen tikt de klok verder en wordt hij niet beter. En ik weet niet wat ik anders kan doen, dan er zijn voor mijn dochter en haar man en natuurlijk ook voor Merel. Maar het voelt alsof ik tekort schiet. Die onmacht is verschrikkelijk.
Simon heb ik deze week bijna niet gezien. Gelukkig begrijpt hij dat en op zijn manier zorgt hij goed voor me. Als ik thuis kom, staat er soep of een prakje voor me klaar en van de week had hij zelfs mijn koelkast gevuld met wat hoognodige spullen. “Als je maar wel voor je zelf blijft zorgen, want ik kan je niet missen,” zei hij. De schat.
We gaan zien wat deze week brengt. Ik hoop dat ik je als ik je zie weer wat leukers te melden heb! Tot gauw, lieverd. Dikke kus.







heel veel sterkte met Thijs…. dit gun je niemand :/
Sorry voor mijn late reactie, de reacties lezen vergeet ik te vaak. Dankjewel voor je lieve wensen, het is inderdaad heel moeilijk. Zo jong en dan zo ziek en je staat machteloos.
Veel liefs♥️
Dankjewel!