
bron: eigen foto (IdB)
Op het moment dat ik nakend voor de spiegel sta, kom ik tot de ontdekking dat de zwaartekracht genadeloos heeft toegeslagen. Hetgeen mij er toe noodzaakt om mijn spontaan verzakte knieën vanaf heden te verhullen door een broek. Desnoods gooi ik er een legging tegenaan, dat mag weer, zelfs van ‘de Linda’, mits deze wel keurig bedekt wordt met een jurkje dat net boven de knie eindigt. Vanaf heden voor mij geen korte rokken meer, ik ken mijn beperkingen. De kraterlandschappen in mijn bovenbenen zijn ‘for my eyes only’, dat moge duidelijk zijn.
Zelfs in nachtstola probeer ik tegenwoordig mijn ledematen te bedekken. Je weet immers hier in huis nooit wie je midden in de nacht tegen het lijf loopt.
Komen we aan bij mijn buik. Tja, wat kun je daar nog over zeggen na het baren van vier kinderen. Die is uitgezakt en blijft uitgezakt. Daar kan geen sportschool tegenop. Ook al train ik me vijf dagen in de week suf. Het wordt nooit meer zoals het was.
So what, komt als eerste bij me op als ik de volgende dag onder de weerzinwekkende lampen van Livera een bikini sta te passen. Er zijn toevallig wel vier pracht exemplaren uitgekomen. Die buik heeft zijn sporen wel verdiend.
Daarom wordt daar niets aan gedaan. Buiten dat weet ik niet wat ze met mijn maat 38 aan vet weg zouden willen zuigen. Dan geen bikini, maar gewoon een ouderwets degelijk verantwoord badpak met een lekker diep decolleté.
Nu we daar aangekomen zijn lijkt het me voor de hand liggen om mijn verkenningstocht daar voort te zetten. Nog steeds ben ik niet ongelukkig met mijn cup C. Hoewel die op het moment nogal schommelt. Ze schommelen sowieso behoorlijk.
Toch lijkt het de laatste tijd meer te worden. Letterlijk en figuurlijk.
“Dat is de overgang!” roept mijn schoonzuster, “ze worden nóg groter, let maar op.”
Fijn, dat was nou precies het antwoord dat ik wilde horen. Optrekken heeft geen zin. Laten hangen is ook geen optie. Waarschijnlijk wil een behoorlijk stukje lingerie wel helpen. Vorige week zat ik met een laag uitgesneden bloesje op de fiets. Een tegemoet fietsende jongeman riep: “Hé, je tieten dansen!”
“Gezellig toch,” riep ik terug, “bij mij is het wel iedere dag feest.”
Terwijl dat ding van jou er maar een beetje lullig bij hangt.







Geef een reactie